Onze twee buurmannen die de boerderij achter ons terras herbevolkt hebben met de bijna complete ark van Noah zijn vorig weekend getrouwd. Eén van hun huwelijkscadeaus was blijkbaar een paar baby-geitjes. Het aantal decibels dat hun ark al produceerde, swingt nu helemaal de pan uit, want die twee kleintjes mekkeren de hele buurt bij elkaar. Ze zijn niet alleen luid, hun gemekker duurt ook verdacht lang. Geen flauw idee hoe lang het gemiddelde gemekker duurt. Iets van een twee seconden ofzo. Deze twee houden het met gemak een achttal seconden uit per mekker. Elke dag opnieuw denk ik dat de buren naast ons overnight veranderd zijn in gruwelijke mishandelaars van hun dochtertje van anderhalf. Maar na een paar schreeuwen kom ik steeds tot de vaststelling dat het geen kind is dat hartverscheurend huilt, maar een geitenjong. We lagen gisteren al in onze bijna ex-slaapkamer die uitgeeft op de ark toen het gehuil weer begon. Mijn nieuwsgierigheid won het van mijn luiheid, ik moest en zou te weten komen waarom het verdriet van België zich opgespaard had in twee kleine geitjes. Ik sprong uit bed en ging in de tuin een kijkje nemen, niet tegengehouden door enige gène over het feit dat ik alleen ondergoed en een t-shirt aanhad. Door ons muurtje en hun omheining kon ik niets zien, dus ging ik op mijn ligstoel staan. Vaag ving ik een glimp op van het blèrende gespuis, maar niet genoeg naar mijn zin. Hmpf. Dan maar een tuinstoel erbij slepen. Van daaruit had ik een beter zicht, oef. Geitje 1 stond vrolijk de bloemen op te eten, geitje 2 huppelde rond, luid blèrend. Tot mijn grote opluchting verkeerden ze dus in opperste gezondheid, blijkbaar hield geitje 2 er gewoon van om af en toe eens een hartverscheurende smartlap ten berde te brengen. Het was hilarisch, en ik kreeg dan ook de slappe lach. Daar stond ik dan in allesbehalve sexy slaapoutfit gierend de geiten van de buren te bespioneren. En dat vond ik nog normaal ook. Zelfs toen ik hoorde dat de buren naast ons hun velux sloten, en dus een goed zicht moesten hebben op het hele tafereel en mijn derrière, vond ik nog steeds dat ik perfect normaal gedraag vertoonde. Pas toen ik iemand van de boerderij hoorde naderen en in elkaar moest duiken op mijn tuinstoel om niet betrapt te worden, ging er een alarmbelletje rinkelen. Misschien is Prozac toch niet helemaal het medicament dat ik nodig heb. |